fullmount beverratten
Latijnse naam: Myocastor coypus
Afmetingen: 30x53x53 cm hoog
Staat: In goede conditie, de fotos geven een goede indruk van dit preparaat
€200,00 incl. BTW
fullmount beverratten
Latijnse naam: Myocastor coypus
Afmetingen: 30x53x53 cm hoog
Staat: In goede conditie, de fotos geven een goede indruk van dit preparaat
De beverrat of nutria (Myocastor coypus, ook wel rattenbever en moerasbever genoemd) is een Zuid-Amerikaans aquatisch knaagdier dat als exoot ook in Europa en Noord-Amerika voorkomt. Het is de enige nog levende soort van het geslacht Myocastor.
De beverrat is een op een rat gelijkend knaagdier dat 36 tot 65 centimeter lang wordt, en 4 tot 10 kilogram zwaar, met uitschieters tot wel 12 kilogram, wat voor een knaagdier relatief groot en zwaar is. De schaars behaarde cilindervormige staart is 25 tot 45 centimeter lang, en loopt uit in een punt. De vacht bestaat uit glanzend bruine en geelbruine dekharen en een grijze ondervacht. De wintervacht is dikker dan de zomervacht. De snuit, kin en de meeste snorharen zijn wit, behalve de bovenste snorharen, die zwart zijn. De snorharen worden tot 130 millimeter lang. De buitenzijde van de snijtanden is oranje van kleur. De voorpoten hebben klauwen.
Mannetjes worden over het algemeen groter dan vrouwtjes: mannetjes zijn gemiddeld 60,3 centimeter lang en 6,5 kilogram zwaar, vrouwtjes 59,3 cm lang en 6 kg zwaar.
De beverrat heeft verscheidene aanpassingen aan een aquatisch leven. Tussen de tenen op de achterpoten heeft een beverrat zwemvliezen. De ondervacht is waterdicht. De neusgaten en de mond kunnen worden gesloten, en ogen, neusgaten en kleine oren zijn hoog op de kop geplaatst, zodat ze tijdens het zwemmen boven water steken.
De beverrat leeft voornamelijk in moerassige gebieden en ook langs traagstromende rivieren, estuaria en langs de kustlijn. Ze hebben een voorkeur voor stilstaande wateren met dichte begroeiing. Als hol graaft hij een gang in een steile rivieroever of een dijk, vlak boven de waterspiegel. Deze holen hebben een diameter van twintig centimeter en zijn tot zes meter diep. In het hol maakt hij een plat nest van dode grassen. De nestkamer heeft een diameter van zo’n 30 centimeter.
Hij is voornamelijk in de schemering en ’s nachts actief. In koude winters en in gebieden zonder predatoren is hij ook overdag actief. Het is een echte planteneter, die voornamelijk grassen eet, aangevuld met zegge, scheuten, stengels, vruchten, wortelen en knollen, ook de wortelstokken en vruchten van waterplanten. Soms eet hij ook mosselen. Hij eet zijn eigen ontlasting. Hij is een goede duiker en haalt veel voedsel onder water. Hij zwemt met snelle slagen met de voorpoten en krachtige, afwisselende slagen met de achterpoten.
De beverrat leeft in familiegroepjes van verwante vrouwtjes, waarvan de woongebieden gedeeltelijk overlappen. Ook overlappen de woongebieden van de vrouwtjes met dat van het dominante mannetje. Ondergeschikte mannetjes leven meer aan de rand van de woongebieden. Zogende vrouwtjes zijn dominant over mannetjes, en kunnen zich tegen hen agressief gedragen.
De beverrat wordt zes tot acht jaar oud in gevangenschap. In het wild wordt hij niet zo oud. In Europa zijn de belangrijkste vijanden hermelijn, kiekendief en hond, terwijl jongen worden gevangen door verscheidene soorten uilen, buizerd, nerts, huiskat en snoek. Hij kan aan roofdieren ontsnappen door voor enkele minuten onbeweeglijk in het water te liggen. De meeste dieren sterven in Europa aan strenge winters en ziekten.